UCSIA
Prinsstraat 14
B-2000 Antwerpen
marijke.celis@ua.ac.be
Tel. +32 (0)3 265 49 60
Fax +32 (0)3 707 09 31
Seksualiteit en relaties bij mensen met een handicap

Op 6 oktober 2011 bespraken een academisch gastspreker, een panel en een publiek van begeleiders en hulpverleners de seksualiteitsbeleving bij mensen met een handicap. Prof. dr. Jo Lebeer (Faculteit Geneeskunde, Universiteit Antwerpen) toonde zich verheugd dat enkele recente films het thema onder de aandacht brengen. Greet Conix (vzw Vormingswerk voor Mensen met een Verstandelijke Beperking, VMG) getuigde dat veel begeleiders ondanks hun professionele vorming niet goed weten hoe om te gaan met deze problemen rond intimiteit. De ervaring op de werkvloer contrasteert met visie- en beleidsteksten van instellingen en organisaties. Prof. dr. Frederik Swennen (Faculteit Rechten, Universiteit Antwerpen) modereerde het debat en wees op de juridische antwoorden; een aantal instellingen zoekt het antwoord in huisreglementen of protocols. Ook ouders van kinderen met een handicap vragen houvast.


Deze tweede lezing uit de reeks Taboes in de marge van de zorg die inzoomt op thema’s met betrekking tot intimiteit, relatievorming en seksualiteit bij kwetsbare groepen, behandelde de situatie van mensen met een handicap en werd bijgewoond door een publiek van een honderdtal begeleiders en hulpverleners (psychologen en therapeuten, orthopedagogen en kinesitherapeuten, opvoeders, pastorale begeleiders en woningbegeleiders),  medewerkers van sociale diensten en zelforganisaties, docenten en studenten (sociaal-agogisch werk en algemeen  vormingswerk, leraars bijzonder onderwijs). Het stimuleerde de dialoog tussen onderzoekers (professor handicapstudies Jo Lebeer en professor familierecht Frederik Swennen) en praktijkexperts (vertegenwoordigers van het vormingswerk en  een instelling voor mensen met een verstandelijke handicap).

Lezing Prof. Jo Lebeer (Handicapstudies, UA)

IMG_5906.jpgProfessor Jo Lebeer, verantwoordelijk voor handicapstudies aan de Universiteit Antwerpen, opende de sessie door te verwijzen naar recente films die seksualiteit en handicap bespreekbaar maken (Hasta la Vista en Yo Tambien). Hij wijst op het feit dat handicap zich minder situeert op niveau van de persoon in kwestie dan in de barrières die de samenleving opwerpt. Mensen met een beperking worden ook vaak als seksloos beschouwd terwijl hun nood, gegeven het gevaar op isolement, misschien zelfs groter is en de ongeremdheid van mensen met een verstandelijke handicap zich vaak uit in seksueel getinte handelingen. Hoe gaan we hiermee om?

Klik hier om de presentatie van Jo Lebeer te downloaden.

Lezing Greet Conix (vzw VMG)

IMG_5899.jpgHet Vormingswerk voor mensen met een verstandelijke beperking (vzw VMG) ontstond op vraag van ouders en specialiseert zich in het vormgeven van relaties en seksualiteit, licht educatief medewerker Greet Conix toe. Er is sprake van besprekings- en handelingsverlegenheid bij begeleiders. Er is veel analyse en er zijn voldoende visie- en beleidsteksten, maar er wordt in de praktijk te weinig geluisterd en gecommuniceerd met de betrokkenen. Er is nood aan concrete ondersteuning. Daar waar alle zorgen voor mensen met een handicap een grote mate van intimiteit impliceren, houdt de grens op bij het lenigen van seksuele noden en komen seksuele en relationele noden vaak op ongepaste wijze tot uiting. Vrouwen met een handicap zijn kwetsbaar voor grensoverschrijdend gedrag, terwijl de overwegend vrouwelijke samenstelling van de omkadering het begrip van de mannelijke seksualiteitsbeleving niet bevordert.

Paneldebat

IMG_5925.jpgPanelmoderator Frederik Swennen wordt regelmatig gevraagd om als expert familierecht de juridische implicaties van reglementeringen in de handicapzorg te duiden. Zo was hij betrokken in de eerste fase van opmaak van een protocol voor de omgang met seksualiteit in de instelling voor mensen met een zware mentale handicap Het Gielsbos. Momenteel werkt hij op vraag van de Koning Boudewijnstichting een onderzoek uit voor ouders met zorgenkinderen, waaronder kinderen met een beperking en ook daar komt het thema van de seksualiteit naar voren. Guy Bruyninckx, directeur zorg van Het Gielsbos, werd uitgenodigd als panelspreker om de toepassing van het protocol toe te lichten. Daarnaast werd ADITI, naast het VMG veruit de enige Vlaamse organisatie gespecialiseerd in consultancy en praktische bijstand inzake seksualiteitsvraagstukken voor mensen met een handicap, uitgenodigd. De expertise van ADITI is gebaseerd op insiderkennis van ervaringsexperts.

In het paneldebat kwamen volgende aspecten aan bod: wettelijke beperkingen inzake ondersteuning bij de seksualiteitsbeleving (instellingen zoals het Gielsbos geven voorlichting maar moeten doorverwijzen naar organisaties zoals ADITI voor daadwerkelijke dienstverlening), vraagstuk van sterilisatie (vroeger voorwaarde tot opname in een instelling, vandaag vervangen door anticonceptiva), spanning tussen financiering en privacy (aanwending persoonlijk assistentenbudget of vervangingsinkomen voor seksuele dienstverlening), het medisch model (met algemene inzage in dossiers) versus het burgerschapsmodel (wie heeft inzage in wat bij hoofde van zijn/haar functie? De regierol moet bij de eigenaar van het proces, de betrokkene, zelf liggen).

Vragen uit het publiek behelsden: hoe seksualiteit onderwijzen in het bijzonder onderwijs (voorkomen dat je leerlingen confronteert met informatie waarvoor zij nog niet rijp zijn door op hun vragen in te gaan), rol van leken (seksualiteit is meer dan de daad, het behelst ook aandacht geven en kwaliteitszorg waarvoor je geen expert hoeft te zijn), omgang met grensoverschrijdend gedrag  (voorkomen van slachtoffers d.m.v. weerbaarheidtraining en vorming), oneigenlijke inmenging (niet iedereen is vragende partij; het gebied van de seksualiteit is misschien nog het enige levensdomein van de persoon met een handicap waarin geen structurele inmenging is).

De panelleden gaven tot slot nog een laatste bedenking. Organisaties zoals VMG en ADITI verdienen meer steun. De wetgeving rond seksuele dienstverlening moet worden versoepeld zodat ook instellingen meer directe steun kunnen organiseren. Werken met mensen met een handicap is niet vrijblijvend. Om zich bewust te worden van de reële problematiek helpt het om zich, tijdens dagdagelijkse handelingen,  in te beelden tot op welke hoogte onze vrijheid in de praktijk zou beknot worden mochten wij met een handicap moeten leven.

Bekijk hier de fotoreportage.

Terug naar Taboes in de marge van de zorg