Van pianoles tot eigen ensemble
Mannu’s weg naar de barok begon toevallig. Hij was zes toen hij piano leerde spelen, en negen toen zijn pianoleraar – die zelf een barokensemble had opgericht – hem vroeg om als knaapsolist mee te zingen in de Matthäuspassie. “Daar ben ik op ingegaan en ik werd er op een of andere manier door gegrepen, ook al was ik nog maar negen. Het was meeslepend en ook complex. Ik kon toen nog niet helemaal duiden waarom, maar er werd iets geraakt. Sindsdien is Bach eigenlijk nooit meer weggegaan.”
Tijdens de concerten raakte hij ook gefascineerd door de instrumenten in het orkest, vooral de toetsinstrumenten zoals het orgel en het klavecimbel. “Ik ging er altijd eens voorzichtig op spelen omdat ik toen al een beetje piano had geleerd. Daar is de wortel geschoten om later ook instrumenten te gaan bouwen. Voor mij zijn bouwen en uitvoeren, twee kanten van dezelfde belangstelling, namelijk begrijpen hoe muziek gemaakt wordt: enerzijds de analyse, maar ook de emotie en de uitdrukking daarvan.”
Wat barokmuziek voor hem zo bijzonder maakt? “Voor mij zit in barokmuziek iets heel directs. Het is tegelijk heel gestructureerd en wiskundig opgebouwd, én heel expressief.” Hij noemt het onomwonden “de popmuziek van de achttiende eeuw”: ritmisch, emotioneel, meeslepend.
“Ik heb als uitvoerder het gevoel dat ik met de componist in gesprek ben. Dat ik er dichtbij sta. Ik kan me dan afvragen: Waarom staat dat accent hier? Waarom is dat hier dissonant? Waarom gaat die lijn hier naar boven of naar beneden? En om na die ontrafeling dan te komen tot een gevoel, een expressie.”
Professionele muziekliefhebbers
Alegría bestaat uit een koor van gedreven muziekliefhebbers en een professioneel barokorkest. “Ik maak een onderscheid tussen beroepsmensen en professionaliteit”, zegt Mannu. “Professionaliteit is een attitude die ik van iedereen verwacht. De beroepsmuzikanten brengen hun techniciteit en know-how mee en ik kan uiteraard sneller met hen werken. Maar het is geen kwaliteitslabel. Het zijn niet máár amateurs tegenover de professionals. Wij maken de producties samen en iedereen heeft daar zijn verantwoordelijkheid in. Dat is een bijzonder evenwicht en een formule die niet zo gebruikelijk is in het koorlandschap in Vlaanderen.”
Mannu is graag dirigent. De reden daarvoor vat hij kort samen: de goesting van de mensen. “Ik zie mensen die hun vrije tijd in ons project steken, die hun partijen instuderen en samen met mij blijven zoeken naar wat er beter kan.”
Datzelfde geldt trouwens ook voor de samenwerking met het orkest.
“Het gaat om het samenbrengen van de energie van al die mensen, beroepshalve én vanuit het hart, en daar samen een professioneel product van maken.”
“Op een bepaald moment valt alles samen en wordt het meer dan de optelsom van de individuele stemmen. Dat ik dat mag begeleiden, vind ik een enorm voorrecht.” Dat is het moment dat hem het meeste voldoening geeft.
“Mijn ding mogen doen, en tegelijk voelen dat het mensen inspireert en dat ze tevreden zijn met het resultaat. Dat is zalig. En eigenlijk is dat een voortdurend proces. Lang voor het concert zelf zijn de voorbereidingen al volop aan de gang: niet alleen muzikaal, maar ook logistiek en organisatorisch.”
Warm, helder en energiek
De klank en de sfeer van Alegría omschrijft Mannu als “warm”. “Zowel in het contact met de mensen als in de klank. Maar ook helder, en zeker ook energiek. Ik vind dat we excelleren in energieke muziek. Dat ligt ons goed.”
Minstens zo belangrijk is wat er tussen de muzikanten gebeurt. “Het belangrijkste van een ensemble is de chemie van het naar elkaar luisteren”, zegt Mannu. “Zo ontstaat er een soort homogeniteit, zonder dat het anoniem wordt: één klank, in al zijn diversiteit.”
Daarnaast speelt het orkest op periode-instrumenten. “Die geven een warmere, intiemere en transparantere klank dan moderne instrumenten”, legt hij uit. “Vanuit de fysica bekeken klinkt alles net wat zachter: een baroktrompet zonder ventielen, een houten traverso in plaats van een moderne dwarsfluit, violen met darmsnaren in plaats van metalen snaren. Dat maakt de klank intiemer.”
“Het belangrijkste van een ensemble is de chemie van het naar elkaar luisteren. Zo ontstaat er een soort homogeniteit, zonder dat het anoniem wordt: één klank, in al zijn diversiteit.”
Voor de deuren opengaan
Een geheime formule die garandeert dat een concert goed zal gaan, bestaat volgens Mannu niet. “Nee, ik draag niet altijd dezelfde sokken,” lacht hij, “maar er is wel een specifieke sfeer voor ieder concert. Dat is een mix van concentratie en praktische drukte: in de gaten houden dat we alles op tijd klaar hebben, dat het publiek op tijd binnen kan, toch nog een paar fragmenten doornemen…”
“Die praktische routine is er wel. Er is altijd een raccord, zoals dat dan heet onder de muzikanten: we komen ruim op tijd samen, zingen en spelen nog wat in, en eten samen een broodje. Dat geeft verbinding, en de spanning en energie groeien vanzelf richting het moment dat de deuren opengaan.”
Een avond vol Bach
Het programma brengt Bachs Magnificat samen met twee kerstcantates: uitbundig bij momenten, met pauken en trompetten, maar ook heel breekbaar en intiem.
Het Magnificat dat Alegría brengt, is eigenlijk Bachs tweede versie van het werk. Oorspronkelijk schreef hij het voor de kerstliturgie, met vier extra “kerstinterpolaties” ertussen. Dat zijn korte stukken, twee in het Duits en twee in het Latijn, die enkel met kerst werden ingevoegd. Toen Bach het later herwerkte, liet hij die weg. Alegría schuift ze er voor dit concert bewust weer tussen, om de kerstcontext van het werk opnieuw voelbaar te maken.
Daarnaast brengen ze twee kerstcantates die voor deze periode geschreven zijn: Gloria in Excelsis Deo (BWV 191) voor Eerste Kerstdag, en Ich freue mich in dir (BWV 133) voor Derde Kerstdag.
“Het is heel uitdrukkelijk een kerstverhaal”, zegt Mannu, “ook al brengen we niet het Weihnachtsoratorium.” Het verhaal begint klein, en krijgt dan een betekenis die groter wordt: vreugde, hoop en verwondering, thema’s die bij Bach wel vaker terugkeren.
In het Magnificat zit voor hem bovendien een boodschap: de gedachte dat de wereld er anders kan uitzien, en dat we daar zelf iets aan kunnen bijdragen, dat we impact hebben op waar de wereld naartoe gaat. “Het is dus niet alleen historisch of museaal, niet alleen iets uit 1723. Het is ook voor vandaag. Dat is kerst.”
Vleugels en kippenvel
Mannu kijkt zelf vooral uit naar de openingsmaten van het Magnificat: “Het orkest vliegt er meteen in, dan komt het koor erbij. Dat geeft vleugels.”
Ook verderop in het stuk wacht een moment waarvan hij nu al weet dat het hem zal raken: “Bij het Suscepit Israël bewegen de vrouwenstemmen heel eenvoudig en kwetsbaar samen, op een bijna gewichtloze begeleiding. Bij de woorden ‘recordatus misericordiae suae’ – zijn barmhartigheid indachtig – weet ik nu al dat ik kippenvel zal krijgen.”
Twijfel je of barok wel iets voor jou is? Mannu heeft een simpele raad: “Je moet niet op voorhand beslissen of je ervan houdt. Kom maar eens af en laat je meevoeren door de klank en energie, dan doet Bach de rest.”
Muziek en zingeving als bruggen
Niet toevallig vond ook UCSIA aansluiting bij dit concert. “We bouwen allebei bruggen”, zegt Mannu, “UCSIA via kennis en spiritualiteit, wij via muziek. In beide gevallen gaat het over ontmoeting: je komt uit je eigen wereld en maakt ruimte voor iets anders.”
“De muzikanten spelen vandaag muziek van vroeger. Het publiek komt uit verschillende contexten met uiteenlopende overtuigingen. Maar we maken contact. We ontmoeten elkaar. We maken ruimte voor iets anders.”
Bach schreef de werken vanuit een bepaalde spiritualiteit, een overtuiging. “Maar je hoeft absoluut niet hetzelfde te denken of te geloven om zijn muziek te beluisteren of uit te voeren. Dat kan vanuit een andere wereld.”
“Ik wil daarmee de spiritualiteit van Bach niet minimaliseren. Die is van belang. En voor mij helpt het om daar dichtbij te kunnen komen. Maar ik vind het absoluut geen voorwaarde om je door zijn muziek te laten raken.”
Het repertoire gaat over vreugde, hoop en verwachting. “Dat is 18e-eeuws, maar evengoed 21e-eeuws, natuurlijk.” Het zijn gevoelens die we allemaal kennen. Ze slaan een brug tussen mensen uit verschillende werelden en tijdsgewrichten, die elk op hun eigen manier geraakt worden door dezelfde muziek. “Je kan dat niet forceren. Er is geen garantie dat het lukt, maar het is een kans om je ervoor open te stellen en het te beleven. Ik geloof dat dat best wat kan doen.”
Voor wie van Bach houdt, is dit concert vanzelfsprekend een aanrader, maar evengoed voor wie Bach alleen van naam kent. Mannu denkt daarbij vooral aan mensen die in de drukke decembermaand even willen vertragen en iets willen delen met anderen: “Bach live horen, met koor en orkest, is heel anders dan thuis naar een cd luisteren. Ik hoop dat mensen na afloop niet alleen maar het gevoel hebben dat ze muziek hebben gehoord, maar dat ze iets hebben meegemaakt.”
Ben jij erbij?
Wil je dit concert mee beleven? Abonnees op onze nieuwsbrief krijgen 10% korting op hun ticket (€ 26 in plaats van € 29). De kortingslink verschijnt in de nieuwsbrief van november.
Concert "Gloria in Excelsis"
J.S. Bach: Magnificat & kerstcantates
door Muzikaal Ensemble Alegría o.l.v. Mannu Wuyts, met solisten Jana Pieters (sopraan), Rob Cuppens (altus), Michiel Haspeslagh (tenor) en Thomas Vandenabeele (bas)
Tijdstip en locatie
Zaterdag 19 december 2026, 20.00 uur
Pius X Kerk, Groenenborgerlaan 214, Wilrijk-Antwerpen
Tickets
€ 29, voorverkoop tot 16 december via www.alegria-online.be, per mail naar kaarten@alegria-online.be, of per telefoon op het nummer 0486 27 91 95.
Korting voor UCSIA-abonnees
Abonnees van onze nieuwsbrief krijgen 10% korting (€ 26 in plaats van € 29). De kortingslink vind je in de nieuwsbrief van november.
